Vincent Bijlo
DE BELGEN ZIJN BOOS, EN TERECHT
Op satellietbeelden waren gisteren de Belgische troepenbewegingen goed waar te nemen. Zwaar materieel werd samengetrokken langs de Nederlandse grens. Duizenden manschappen marcheerden in de zinderende augustushitte tot bij de inderhaast opgetrokken grensposten. Velen vielen onderweg ten prooi aan uitdroging. Zij bezweken reeds vooraleer er een schot had geklonken.
Nu de Schelderuzie escaleert omdat de mosselboycot vooralsnog geen vruchten afwerpt, nemen de Belgen hun toevlucht tot militaire middelen, om een spoedige uitbaggering van de Westerschelde door Nederland gedaan te krijgen.
Die uitbaggering was immers beloofd! Zwaaiend met het verdrag waarin een en ander was neergelegd stond de Belgische legerleider fier voor zijn troepen. Hij schreeuwde in de veldtelefoon die hij dicht aan zijn oor drukte. Intussen rolden de pantservoertuigen langzaam naar het noorden. De zware motoren der vehikels gromden onheilspellend. Het blakerende landschap leek zijn adem in te houden.
Uit de hoorn van de veldtelefoon steeg een iel gereutel op.
"Balk," schreeuwde de legerleider met een stem die tot in het uiterste noorden van Groningen te horen was, "Balk, ge gaat baggeren, stante pede, met uwen eigen handen. Als ge ziet hoe of we hier staan dan gaat ge wel anders peinzen.
Ik zeg u, als u nu niet aanvangt dan gaat ge dat niet licht vergeten, in naam van koning Albert, Mega Mindy en K2!"
Hij grijnsde. Het bange gefluister dat aan de veldtelefoon ontsteeg vertelde genoeg.
Tevreden legde de legerleider het toestel terzijde en spoedde zich naar de biertap.