Vincent Bijlo

GEEN HESJES VOOR ASIELZOEKERS IN TIENRAY

 

Hesje, wat een vervelend woord toch, hesje. Ooit wilde men een gehandicaptenhesje invoeren. Dat zouden doven dan kunnen dragen, zodat de automobilisten, als ze er een voor de wielen kregen, wisten dat toeteren niet hielp.

Voor de blinden zou het ook handig zijn, dacht men, opdat ze niet geschept zouden worden.

Het ging gelukkig niet door. De doven wisten nergens van, het hesje werd aangeprezen in radiospots, en voor de blinden had men advertenties in dag- en weekbladen gemaakt.

Ik moest er niet aan denken in zo’n fluorescerend hesje over straat te moeten. Die stok vond ik al stigmatiserend genoeg.

Stel je voor dat ik over straat zou lopen zonder hesje, en dat iemand mij zou toeroepen: "Hee, jij bent blind, jij moet een hesje, je vraagt er gewoon om om aangereden te worden."

Wegwerkers, ja, die moeten een hesje, maar blinden niet.

En asielzoekers ook niet. In het Limburgse Tienray raadt men dat aan, een hesje, voor de donkere medemens uit verre landen, omdat die ’s avonds minder goed zichtbaar is in het verkeer.

Ik heb niet zoveel verstand van de zichtbaarheid van de donkere medemens in Tienray, maar wat ik me afvroeg, gaat die donkere medemens in Tienray normaliter bloot de straat op, ’s avonds? Volgens mij zijn donkere en lichte mensen met kleren aan, en zeker met winterkleren aan, allebei even zichtbaar in het donker.

Dus doe dan iedereen een hesje, ’s avonds in Tienray. En als je buiten Tienray komt ook, dat wij dan iemand zien lopen in een hesje en denken: "Hee, dat is er een uit Tienray, pas op."