VAN OUDE MENSEN, DE DINGEN DIE VOORBIJ GAAN

 

Soms is ouder worden heel troostend. Niet dat ik al oud ben, ik ben 42, maar dat is toch ouder dan ik 10 jaar geleden was, dus ik word ouder. Lichamelijk merk ik daar nog niets van. Het zicht, dat was al niet echt dat je zegt goed, dus dat kan niet minder worden. Het gehoor wordt wat minder, door al het geschreeuw van de meninkjesventilerende Nederlanders, maar daar kunnen we nog altijd wat extra zware gehoorapparaten tegenaan gooien.

Het gaat mij om het geestelijke aspect van het ouder worden. Om het feit dat je de dingen in een beter licht kunt zetten, dat je kunt relativeren. Dat je niet bij elke scheet die iemand laat in de hoogste bomen zit. Dat je denkt: ach, dat voetbal, dat komt vanzelf weer een keer terug bij de publieke omroep.

Dat je denkt: Zo’n Wilders, het is net een storm, die moet even uitrazen. Daar moet je niet zo ontzettend veel over praten. Storm is een zeer nuttig natuurverschijnsel. De wind waait van een gebied met hoge luchtdruk naar een gebied met lage luchtdruk, de natuur is altijd op zoek naar evenwicht, en zo is het met de maatschappij ook. Natuurlijk zal er wel eens een boom omwaaien tijdens een storm, maar echt bang moet je pas worden als de storm dreigt aan te zwellen tot een orkaan, en dat is voorlopig nog niet het geval.

Dat je lekker achterover kunt leunen, een kopje koffie kunt drinken, het menselijk gewriemel kunt aanschouwen en denkt: hoe zou het toch komen dat ze zich altijd weer zo laten opnaaien. Waarschijnlijk omdat ze niets beter te doen hebben. Ik wel, ik zit, ik glimlach en ik verzamel wijsheid. Ouder worden is een zegen, zolang ziektes je bespaard blijven.